Afgelopen week zijn Mirjam en ik onze dochter Sanna achterna gereisd naar Doha (Qatar) voor het WK turnen. Naast de wedstrijden hebben we de kans gegrepen om de stad uitgebreid te verkennen en om meer te leren over de cultuur. Er valt veel te zeggen over o.a. de slechte arbeidsomstandigheden van de Indiërs, Pakistanen, Nepalezen en Afrikanen, beperkingen voor vrouwen en de sterk zichtbare kloof tussen arm en rijk. Maar we zijn ook positief verrast door de gastvrijheid, gevoel van veiligheid, hygiene, respect, kwaliteit van eten, architectuur, effect van geen alcohol. De emir wordt er op handen gedragen vanwege de economische ontwikkeling, toerisme, gratis onderwijs en zorg. Er is nauwelijks criminaliteit. Qatar maakt een zeer interessante ontwikkeling door en ik ben benieuwd wat de commercialisering en versmelting met westerse gebruiken op de lange termijn met zich mee brengen.

Waanzinnig om zo’n event van dichtbij mee te maken en dankzij Sanna op zulke inspirerende plaatsen terecht te komen. De wereldtop op een paar meter afstand. Eigenlijk is iedereen net zo goed; de verschillen zijn echt minimaal. Behalve dan Simone Biles: zij is een buitenaarde cyborg uit de toekomst vermomd als een Amerikaans turn-meisje…